Boekenmeester Peter | Boeken mogen gerust moeilijker zijn, als ze de horizon van de kinderen maar verbreden

Peter Jongenelen is de Beste Boekenmeester van 2016. Hij is gek op sprookjes, voelt zich helemaal thuis in een kinderboekenwinkel en is een krak in voorlezen. De leerlingen van het vierde leerjaar op Vrije Bassischool Sint-Jozef in Kalmthout krijgen heel wat leesvoer voorgeschoteld. Peter Jongenelen dompelt hen onder in boeken en geeft hen met een boekenkasteel en een bak vol buitenbeentjes honger naar meer. ‘Voorlezen doet ook lezen.’

""
""
""
""
""
""
""
""

Peter Jongenelen had als kind al een grote liefde voor boeken. Hij kon helemaal verdwijnen in verhalen over feeën, heksen en glazen muiltjes en later ook in de fantasiewereld van Roald Dahl. ‘Ik was de kleuter die ze vaak uit de verkleedkoffer moesten vissen’, lacht Peter. Het vierde leerjaar kan nu volop meegenieten van de passie van meester Peter. ‘In mijn klas zijn overal boeken te vinden. En het doel dit jaar is om voor elke leerling een boek te vinden dat hij of zij zal verslinden.’

 

Wie is Peter Jongenelen?

School: Vierde leerjaar op Vrije Bassischool Sint-Jozef in Kalmthout.

Favoriete kinderboek: De duif die niet kon duiken, Edward van de Vendel.

Geeft de boekenmicrobe door omdat … ‘boeken vol fantasie me altijd gefascineerd hebben. Een verhaal kan ook aantonen dat je niet overal goed in hoeft te zijn, zoals een duif die niet kan vliegen of stoere kerels die niet alleen durven slapen.’

Er was eens …

Meester Peter leest heel graag voor en houdt ervan om ook eens de minder bekende boeken naar voor te schuiven. Voorlezen is ook een beetje toneelspelen in het vierde leerjaar. ‘Ik zou ooit wel een stemmetje in een luisterspel willen doen’, vertelt de meester. Peter is geboeid door sprookjes en leest dan ook wel eens Rood Rood Roodkapje van Edward van de Vendel voor. ‘Het is grappig dat dit boek door mijn fascinatie het lievelingsboek van de klas geworden is, hoewel de prenten in rood en zwart het boek niet zo toegankelijk maken’, vertelt Peter. ‘Het zijn waarschijnlijk het eerder stoere Roodkapje en de onverwachte afloop die het verhaal voor hen aantrekkelijk maken.’

Op het voorleesontbijt kunnen ook de ouders meegenieten van de voorleeskunsten van meester Peter. Nadien geeft Peter hen meer uitleg over het belang van lezen en voorlezen thuis. ‘Ouders vertellen me achteraf wel eens hoe fijn ze het vinden om terug dat voorleesmoment ’s avonds met hun kind te delen.’ Tijdens de Voorleesweek nodigt meester Peter ouders en grootouders uit om zelf hun verteltalent boven te halen. ‘Niet iedereen leest even goed voor, maar wanneer je een kind ziet smelten omdat zijn oma voorleest, weet je dat het goed is.’

‘Van avi-lezen krijg ik de kriebels. Een moeder zit ’s avonds toch ook niet met een chronometer naast haar man als hij een boek leest?’

Peter Jongenelen

Kwartiermakers op de wereldkaart

Basisschool Sint-Jozef neemt deel aan het pilootproject kwartiermakers. Alle klassen maken op een vast moment, net na de namiddagspeeltijd, een kwartier tijd om te lezen. ‘Sommigen zitten aan hun schoolbank, anderen onder mijn bureau, in de zetel of tegen de verwarming, iedereen heeft wel zijn favoriete plekje’, zegt Peter. ‘Het leeskwartier brengt ook rust in de klas. Ruzies van tijdens de speeltijd zijn na het leeskwartier al vergeten.’

Meester Peter verbond een ludieke wedstrijd aan het kwartierlezen. Hij daagde zijn leerlingen uit om thuis op gekke manieren en op ongewone plaatsen te lezen. Hij gaf hen een kaart met gekke opdrachten. Wanneer ze vijf keer een kwartier hadden gelezen, stopten ze de kaart gehandtekend in een ton. ‘Bij de winnaars ging ik een keer voorlezen voor het slapengaan’, vertelt Peter.

De zitzakken laat meester Peter bewust naast de grote wereldkaart liggen. ‘Er zijn een aantal jongens die niet zo van boeken houden’, zegt Peter. Tijdens het leeskwartier kijken ze op de wereldkaart en zo lezen ze toch, zonder dat ze het doorhebben. Kinderen moeten vooral graag lezen. Van avi-lezen krijg ik de kriebels. Een moeder zit ’s avonds toch ook niet met een chronometer naast haar man als hij een boek leest?’

De Beste Boekenjuf/meester van het jaar

De prijs voor de Beste Boekenjuf/Boekenmeester beloont leerkrachten (kleuterschool en basisschool) die een concrete en dagelijkse inzet tonen voor leesbevordering en het werken met kinderboeken in de klas. In het magazine brengen de kandidaten hun verhalen en je vindt er massa's tips en tricks rond lezen en leesplezier in de klas.

CANON Cultuurcel en de Groep Kinderboekenuitgevers zoeken een juf of meester, zorgleraar of -coördinator uit het basisonderwijs (kleuter- en lager) die zich inzet voor leesbevordering en werken met kinderboeken aanmoedigt.

Nomineer jouw kandidaat

Wie besmet jou met zijn of haar passie voor (voor)lezen? Wie vult de boekenhoeken op school met een rijk en recent aanbod? En wie wakkert in jouw team het leesvuur aan? Kortom, welke juf of meester heeft op jouw school het grootste hart voor boeken? Ken jij zo iemand? Nomineer je kandidaat via boekenjuf.be.

Boekenstoelendans

Meester Peter probeert bij alle lessen boeken te betrekken. Boeken heb je immers overal nodig, niet alleen tijdens het leeskwartier of in de taalles. ‘De rekenles begin ik wel eens met een prentenboek dat aansluit bij een rekenprobleem’, legt Peter uit. ‘En nu we ons verdiepen in de provincies van België circuleren er allerlei soorten atlassen in het vierde leerjaar. Het toont hen dat boeken leven en dat lezen op verschillende manieren kan.’ Peter stimuleert ook de collega’s om met boeken aan de slag te gaan. Aan het begin van de personeelsvergadering mag hij steeds een boek voorlezen of promoten. ‘Het is fijn om te zien hoe een juf van het zesde leerjaar ook de titel van een prentenboek opschrijft.’ 

Meester Peter test de werkvormen van kwartiermakers graag uit in de klas. ‘Het is leuk om bij de boekendans ook boeken op de stoelen te leggen die heel gericht zijn op meisjes of op jongens’, zegt Peter. ‘Zo komt een jongen eens terecht bij Het grote paarden- en ponyboek. Ondanks de eerste verbolgen reactie, merk ik dat de jongens later nog grijpen naar dat ‘meisjesboek’. En dat is oké, van mij mogen ze alles lezen, behalve de boeken uit de voorleeskast. Anders is het niet spannend meer.’

‘Boeken mogen gerust iets moeilijker te zijn, zolang ze de horizon van de kinderen maar verbreden en ze er plezier aan beleven.’

Peter Jongenelen

Boekenkasteel met buitenbeentjes

Enkele jaren geleden vernieuwde Peter het boekenaanbod grondig op school. ‘Verouderde boeken zijn immers niet zo interessant voor kinderen die nog op ontdekking zijn in boekenland.’ De boekenkast in de gang toverde hij om tot een boekenkasteel waarin het aanbod elke twee weken verandert. En de boeken reizen vaak van klas naar klas. Leesboeken, prentenboeken, dichtbundels, aan leesvoer geen gebrek. ‘Het is niet omdat ze in het vierde leerjaar zitten dat ze geen prentenboeken meer mogen bekijken’, vertelt Peter. ‘Een leerling die wat moeizamer leest kan bij een boek met weinig tekst juist een gevoel van succes ervaren. En dat werkt heel motiverend.’

De nieuwste aanwinst in de klas van meester Peter is een bak vol buitenbeentjes. Het zijn boeken die te groot, te klein of te fragiel zijn om in de boekenkast te staan. Ook voor de poëziebundels is een speciale plek voorzien. ‘Sommige kinderen nemen regelmatig zo’n bundel en lezen bepaalde gedichten heel bewust. Niet al mijn gedichtenbundels zijn even toegankelijk, maar het hoeft niet altijd hap-slik-en-weg te zijn. Boeken mogen gerust iets moeilijker te zijn, zolang ze de horizon van de kinderen maar verbreden en ze er plezier aan beleven.’

In de boekenkast van meester Peter