Mijn Reis

Wereldwijd zijn 60 miljoen mensen op de vlucht. Eén op drie vluchtelingen in België is minderjarig. Kan ik hier verdwijnen? Zo begint Mijn Reis, het toneelstuk dat OKAN leerlingen van het Heilig Instituut voor Verpleegkunde Sint-Elisabeth in Turnhout opvoerden. In samenwerking met theatergezelschap Het Gevolg bouwden ze de voorstelling op rond hun ervaringen en verlangens. ‘Ze hebben echt leren geloven in zichzelf’, zegt Greet Van der Heyden, OKAN leerkracht.

De toneelspelers zijn tussen 12 en 18 jaar en leren nog volop Nederlands in de onthaalklas voor anderstalige nieuwkomers. In het kader van 15 jaar OKAN wilden de leerkrachten van het Heilig Instituut voor Verpleegkunde Sint-Elisabeth iets speciaal doen met de leerlingen. Via collega’s kwamen ze in contact met Stefan Perceval, artistiek leider van theatergezelschap Het Gevolg in Turnhout. Het Gevolg vertrekt van het idee dat iedereen een verhaal heeft en was meteen enthousiast. Gedurende zes maanden begeleidde Stefan de leerlingen op hun weg naar een echte theatervoorstelling.

Improvisatieoefeningen

De school telt achttien OKAN klassen met in totaal 200 leerlingen. ‘We kozen twintig leerlingen uit deze groep die we zeker in staat achtten tot zo’n project’, vertelt Joke Van den Broeck, leerkracht in OKAN. Om de jongeren te laten proeven van theater namen de leerkrachten hen mee naar het toneelstuk Kip, een co-productie van Het Gevolg en actrice Nelle De Maeyer over opgroeien en op zoek gaan naar jezelf. 

Iedere vrijdagvoormiddag ging Stefan Perceval anderhalf uur aan de slag met de leerlingen. Hij vertelde de jongeren wat theater is, deed improvisatieoefeningen en leerde hen dat je vooral een flinke dosis positieve energie en verbeeldingskracht nodig hebt om theater te maken. ‘Stefan vroeg hen op het podium uit te spreken wat ze nog nooit hadden durven zeggen en welke mooie woorden ze kenden in hun eigen taal’, vertelt Joke. ‘Hij benadrukte dat wat je doet op het toneel niet echt is. In de rol die de leerlingen voor zichzelf creëerden, waren ze vrij en konden ze even de realiteit vergeten.’ De voertaal tijdens de sessies was Nederlands waardoor de leerlingen snel nieuwe woorden oppikten.

De kracht van lichaamstaal

Vanaf maart werkte de groep concreter naar de voorstelling toe en werden de scènes vanuit de sessies opgebouwd en opgeschreven. ‘Vaak kwamen op het moment zelf nog leuke ideeën boven’, zegt Joke. ‘Stefan vroeg eens om iets te zingen en twee meisjes begonnen een kinderliedje uit hun thuisland te zingen. Op die manier kreeg de voorstelling op een heel spontane manier vorm. De bewegingen kwamen vanuit de leerlingen zelf en iedereen deed waar hij zich goed bij voelde.’

‘Hij benadrukte dat wat je doet op het toneel niet echt is. In de rol die de leerlingen voor zichzelf creëerden, waren ze vrij en konden ze even de realiteit vergeten.'

Alle voorbereidingen leidden tot een beklijvende voorstelling waarin de dromen en de verlangens van de kinderen centraal stonden. Shaafiya is twaalf jaar, kwam alleen uit Somalië en wil graag piloot worden. Pavlina is zeventien en vraagt zich af wat liefde is en de meeste jongens dromen van voetbal. Woorden zijn niet altijd nodig om een boodschap over te brengen. Wat is vriendschap? Hoe vind ik een plek waar ik me thuis voel? Wie ziet mij? Met bewegingen brachten de jongeren de vragen waarmee ze worstelen in beeld, want de kracht van lichaamstaal is soms veel sterker. ‘Dat lichamelijk contact was eerst vreemd voor hen en sommigen hadden wat tijd nodig om echt te durven’, vertelt Greet. 

Met een lach en een traan

Hoewel de voorstelling zo niet was opgevat, pinkte het publiek vaak een traantje weg. De acteurs hebben een verschillende afkomst, maar allen hebben ze een verre reis gemaakt. ‘Sommigen zijn met hun familie in ons land, anderen zijn hier alleen en een aantal onder hen weten niet of ze wel in België kunnen blijven’, zegt Greet. ‘Vaak werkte Stefan rond thema’s zoals geluk. Velen noemen familie als iets wat hen tegelijk gelukkig en ongelukkig maakt. Het is ontroerend om te horen hoe een zeventienjarige jongen ‘ik hou van mijn moeder’ als grootse verlangen uit.’

Voor de leerlingen was werken met regisseur Stefan een hele aanpassing. ‘Stefan is heel direct en zegt zonder omwegen wat hij denkt van hun spel’, zegt Joke, ‘maar tegelijk geeft hij hen vaak positieve bevestiging. Het was niet altijd gemakkelijk voor onze leerlingen om te blijven volhouden, maar Stefan bleef hen motiveren om er steeds echt te staan. ‘Wat Stefan in die paar maanden met hen heeft bereikt, dat kan je niet in een klas’, zegt Joke. ‘We hebben onze leerlingen echt zien groeien en zien openbloeien tijdens dit project. Hen bij het applaus zien stralen op het podium, daarvoor doen we het.’

Tips van juf Greet en juf Joke

  • Ga op zoek naar een waardevolle culturele partner die thuis is in de theaterwereld.
  • Laat de leerlingen eerst kennismaken met wat theater is en biedt voldoende voorbeelden. Samen een echt toneelstuk gaan bekijken is een goed begin.
  • Ga zelf aan de slag met improvisatieoefeningen, zodat de leerlingen voeling krijgen met toneelspelen.
  • Laat zoveel mogelijk ideeën uit de leerlingen zelf komen. Zo voelen ze zich goed bij wat ze doen op het podium.
  • Werk naar een voorstelling toe die toegankelijk is voor iedereen.

Foto’s: © HETGEVOLG